foto

Wachtwoord

Voor ontzettend veel zaken heb je tegenwoordig een wachtwoord; voor je telefoon, computer, tablet, e-mailaccount, forums, internetbankieren, de app-store, je eigen website, social media, Wi-Fi, DigiD en ga zo maar door. Het zijn er gewoon teveel om te onthouden. Bij veel wachtwoorden die je gebruikt op je computer, telefoon of tablet heb je de keuze om ze automatisch op te laten slaan. Dat is handig!
Maar dan. Een vriend wil mijn laptop even gebruiken. Bij het terugkrijgen van mijn laptop zijn alle opgeslagen wachtwoorden gewist en moet ik heel diep graven om ervoor te zorgen dat ik overal weer ben ingelogd. Verschrikkelijk.

Vroeger had ik dat niet. Op de basisschool had ik maar één wachtwoord nodig en die was voor de hut. Ik had bij mij op school twee hutten: een jongenshut en een meisjeshut. Die hadden allebei een wachtwoord en dat werkte prima. Het enige nadeel was dat het wachtwoord dagelijks wijzigde. Dus als ik dan een dag ziek was geweest en ik de volgende dag aankwam bij de jongenshut en heel zelfverzekerd ”Reiger” tegen de uitsmijter (gewoon een grote en sterke klasgenoot) zei, werd ik door hem in mijn gezicht uitgelachen. “Het wachtwoord is gewijzigd kano! Je komt er niet in!”

Toen kreeg ik twee opties.

Optie één: “Jammer joh. Ga maar ergens anders spelen.”
Optie twee: “Wil je het wachtwoord weten? Dan moet je 3 opdrachten uitvoeren.”

Ik koos voor optie twee. Dat hield in dat ik die pauze 3 sabotageacties moest uitvoeren bij de meisjeshut.
Ik had mijn eerste opdracht ‘’breek een plank van de meisjeshut af” al weten te volbrengen.
Nu de moeilijkste twee nog:
2. Probeer naar binnen te komen
3. Neem iets mee uit de meisjeshut en breng het naar de jongenshut als bewijs.

Met hulp van de populairste jongen, die veinsde dat hij verliefd was op de uitsmijtster van de meisjeshut, kon ik zo naar binnen lopen! Daar stond ik opeens, in de meisjeshut! Zonder wachtwoord! Met allemaal meisjes om mij heen! Ik was de eerste jongen die dat ooit gelukt was! Yes, dacht ik.

De laatste opdracht van de uitsmijter zong door mijn hoofd, terwijl mijn hart steeds sneller begon te kloppen: “Neem iets mee uit de meisjeshut en breng het naar de jongenshut als bewijs”.

De meisjes begonnen te gillen en te krijsen toen ze zagen dat ik in hun hut stond.
Het leidde mij af. Ik moest me focussen. Ik zocht, terwijl de meisjes mij heen en weer schudden en bestookten met vragen als ‘hoe ben je hier binnen gekomen?’ en ‘wat is het wachtwoord dan!?’. Ik zei niets. Als een echte inbreker liet ik mijn eksterogen hun gang gaan en die kwamen uit op een telefoonboek. Ik griste het weg en rende als een kip zonder kop richting de jongenshut. De meisjes renden achter mij aan en lieten mij niet zonder enkele stevige verwensingen de jongenshut bereiken:

“Apenkop!”
“Dombo!”
“Nerd!”
“Fak joe oneindig!”
“Ik maak het uit!”
“Kutlul!”

Het deed mij niks.
Onder luid gejuich werd ik onthaald bij de jongens. Ik had de opdrachten volbracht en de uitsmijter nam het telefoonboek goedkeurend in ontvangst. Ik hoorde er weer bij! Ik was de held! Ik mocht het wachtwoord weer weten!
Vanaf die dag was het wachtwoord voor de jongenshut een week lang:
“Kano telefoonboekheld’’.

Tot volgende week,

K.

 

Deel dit bericht